Fiscaal vraagstuk

In de internationale fiscaliteit is de plaats waar de woonplaats gevestigd is van doorslaggevend belang in het kader van de belastingheffing. In principe mag de staat waar de woonplaats is gevestigd de belastingen heffen. Nochtans kan er een fiscaal conflict ontstaan omdat België zijn onderdanen belast op hun wereldwijd inkomen. Idealiter beschikken uitgeweken Vlamingen maar over één fiscale domicilie indien ze er zeker willen van zijn dat ze enkel door hun woonstaat kunnen belast worden. En dat is voor velen toch hét voorwerp van het fiscale vraagstuk, met name hoe vermijd ik een dubbele belasting?

Wanneer je naar het buitenland trekt om er te gaan wonen en werken, moet je dan nog steeds jaarlijks je Belgische aangifteformulier invullen of ben je daar definitief van verlost?  En zal enkel het land waar je naartoe bent getrokken je inkomen belasten of kan de Belgische fiscus je alsnog taxeren op bepaalde inkomsten? We staan stil bij de fiscale impact van een verhuizing naar het buitenland en de noodzakelijke  formaliteiten. Veel hangt af van of je België al dan niet definitief verlaat. Meer zelfs, als je na een korte periode alsnog terugkeert naar België kan dit averechtse fiscale gevolgen hebben.

Fiscale woonplaats in België

De Belgische wet hanteert het wettelijk vermoeden dat wij in het rijksregister van de natuurlijke personen is ingeschreven ook Belgisch rijksinwoner is. Dat wettelijk vermoeden is echter een weerlegbaar vermoeden. Dat wil zeggen dat de belastingplichtige die betwist rijksinwoner te zijn, het tegenbewijs kan leveren door aan te tonen dat hij niettegenstaande de inschrijving in het rijksregister niet meer de hoedanigheid van rijksinwoner bezit.

De administratie beschikt daarbij nog over de gewone feitelijke vermoedens om aan te tonen dat een persoon die niet is ingeschreven in het rijksregister, toch de hoedanigheid heeft van rijksinwoner op grond van de algemene beginselen van rijksinwonerschap (met name de feitelijke woonplaats, of de zetel van fortuin die nog in België kan gevestigd zijn). De begrippen "woonplaats" en "zetel van fortuin" worden in de wet niet nader omschreven. In de rechtspraak daarentegen wordt de "belastingwoonplaats" omschreven als de plaats waar iemand vast verblijft of de vitale betrekkingen met zijn medemensen onderhoudt. Dit is een feitenkwestie.

In eerste instantie verwijst de belastingwoonplaats naar de plaats waar een natuurlijke persoon effectief en duurzaam verblijft, m.a.w. waar hij leeft en werkt. Door de evolutie in de samenleving en de economie komt het echter meer en meer voor dat een persoon zijn beroepsbezigheden niet uitoefent in hetzelfde land als dat waarin zijn gezin gehuisvest is en waar hij zijn vitale betrekkingen met zijn medemensen onderhoudt of van waar hij zijn fortuin beheert. In dat geval weegt de belastingheffer de verschillende constitutieve bestanddelen van de belastingwoonplaats tegenover elkaar af, waarbij uiteraard meer belang zal worden gehecht aan het centrum van de huishoudelijke en vitale betrekkingen dan aan de plaats van de beroepswerkzaamheid.

Zwaartepunt levensbelangen

In het algemeen betekent het loutere feit dat een rijksinwoner naar het buitenland vertrekt om er een beroepswerkzaamheid uit te oefenen, nog niet dat hij daardoor de hoedanigheid van rijksinwoner verliest; en dus ook niet meer belastingplichtige in België zou zijn. Wanneer sommige belastingplichtigen bij hun vertrek naar het buitenland ingeschreven blijven in het bevolkingsregister van de Belgische gemeente waar zij voor hun vertrek verbleven mogen zij in principe verder als rijksinwoner worden aangemerkt. De hoofdverblijfplaats wordt ook niet gewijzigd door een tijdelijke afwezigheid. De als tijdelijk afwezig beschouwde personen, en eventueel ook de leden van hun gezin, blijven ingeschreven in de gemeente waar zij hun hoofdverblijfplaats hebben.

Belgische onderdanen die tijdelijk in het buitenland verblijven kunnen zich ook laten inschrijven bij de Belgische diplomatieke zending of consulaire post van het rechtsgebied waarin zij verblijven. Dergelijke immatriculatie is slechts mogelijk wanneer de betrokkene niet meer in de bevolkingsregisters van een Belgische gemeente is ingeschreven. In de praktijk mag de Belgische taxatieambtenaar nochtans zonder verder onderzoek aannemen dat de bedoelde belastingplichtigen de hoedanigheid van rijksinwoner hebben behouden wanneer zij ingeschreven blijven in het bevolkingsregister van de gemeente waar zij voor hun vertrek naar het buitenland hun gewone verblijfplaats hadden gevestigd. En hier kan een probleem ontstaan voor wie intussen het zwaartepunt van zijn levensbelangen, de fiscale woonplaats m.a.w., naar het buitenland heeft verplaatst. Met alle gevolgen vandien wat de - eventuele dubbele - heffing van de belastingen betreft zowel in België als in het buitenland.

Wanneer deze personen die nog in het rijksregister van de natuurlijke personen zouden ingeschreven zijn, willen betwisten dat zij nog de hoedanigheid van Belgisch rijksinwoner hebben, moeten zij het wettelijk vereiste tegenbewijs leveren, door aan te tonen dat zij hun werkelijke woonplaats of zetel van fortuin niet meer in België hebben omdat het naar het buitenland werd overgebracht. Dit bewijs moet blijken uit de feitelijke omstandigheden die het verblijf in het buitenland kenmerken; nl. daar waar het zwaartepunt van de levensbelangen is gevestigd.

Bekijk hier een overzicht van de belastingstarieven.

De stichting Vlamingen in de Wereld is een eerstelijnsdienstverlener en waar nodig een doorgeefluik. Binnenlopende vragen worden grondig gescreend en ofwel zelf behandeld, ofwel discreet voorgelegd aan een deskundige ter zake. VIW-leden kunnen concrete vragen stellen via het contactformulier en krijgen toegang tot een archief met artikels over fiscale thema's.