pensioendossier

Implicaties van een Europese loopbaan op je wettelijk pensioen

Vincent Verbeek, Shauni Taildeman, Bart De Sutter & Sophie Blieck, EY

Steeds vaker worden werknemers door hun werkgever tijdelijk of deels in het buitenland tewerkgesteld, dan wel getransfereerd. Als een werknemer doorheen zijn carrière in verschillende EER-lidstaten heeft gewerkt, bestaat de kans dat hij/zij in verschillende  landen pensioenrechten heeft opgebouwd. Het is van groot belang dat deze werknemers niet voor verrassingen komen te staan wanneer de pensioenleeftijd bereikt is. Daarom analyseren we kort de impact van zo’n internationaal avontuur (vooral toegespitst op de EER, al zijn internationale tewerkstellingen daar buiten natuurlijk ook mogelijk) op de wettelijke pensioenopbouw van de werknemer, en dit op juridisch, fiscaal en sociale zekerheidsvlak.

Gelieve te noteren dat we hieronder alleen de implicaties bespreken op het 1e pijler (wettelijk) pensioen. De implicaties op de 2de (extralegaal/aanvullend pensioen) of 3de pijler (individueel pensioenspaarplan) worden hierna niet verder besproken.

Werken in het buitenland

Detachering

Wanneer een werknemer die onderworpen is aan het Belgische socialezekerheidsstelsel door zijn Belgische werkgever naar een andere EER-lidstaat gestuurd wordt om een tijdelijke opdracht uit te voeren, spreken we van een “gedetacheerde werknemer”. Deze werknemer kan - mits hij in het land waar hij gaat werken een A1-formulier kan voorleggen (dat bewijst in welk land hij sociaal verzekerd is) – onder de Belgische sociale zekerheid blijven, dit voor een periode tot 24 maanden (2 jaar). Het pensioen wordt dan verder opgebouwd in België en er is geen sprake van pensioenopbouw in het land waar de werknemer tijdelijk gaat werken.

Zo’n A1-formulier kan bij akkoord van de overheden van de betrokken landen verlengd worden tot maximaal 60 maanden (5 jaar). Als de werknemer daarna tewerkgesteld blijft in het buitenland, dan zal zijn/haar sociale zekerheid in principe ook daar vallen. Vanaf dat moment begint hij/zij pensioen op te bouwen naargelang de wetgeving van toepassing in het land naar waar hij gedetacheerd werd (en dus niet langer België).

Gelijktijdige tewerkstelling in verschillende landen​

Wanneer een werknemer in verschillende EER-lidstaten werkt (bijvoorbeeld een deel van zijn tijd in België en een deel van zijn tijd in Nederland, al dan niet voor meerdere werkgevers), is er sprake van een gelijktijdige tewerkstelling. Op basis van de concrete persoonlijke en professionele situatie van de werknemer, kan bepaald worden aan welk socialezekerheidsstelsel hij onderworpen moet zijn. Op basis van de huidige Europese regelgeving zal er altijd slechts één socialezekerheidsstelsel van toepassing zijn.

Ook hier geldt: de wettelijke pensioenopbouw zal gebeuren op basis van de wetgeving van het land waarvan het socialezekerheidsstelsel van toepassing is op de werknemer.

Transfer

Wanneer de werknemer een nieuwe arbeidsovereenkomst sluit met een buitenlandse werkgever en zijn volledige arbeidstijd daarbij in de andere EER-lidstaat (waar de nieuwe werkgever gevestigd is) presteert, dan zal de Belgische sociale zekerheid niet meer van toepassing zijn. Er worden dan in principe bijdragen betaald volgens het in dat land geldende stelsel, en ook het wettelijk pensioen wordt opgebouwd in het buitenland volgens de in dat land geldende regelgeving.

Combineren van Belgisch en buitenlands pensioen

We zien aldus dat het perfect mogelijk is om gedetacheerd te worden naar of een deel van de arbeidstijd tewerkgesteld te worden in een andere EER-lidstaat, zonder dat dit enige invloed heeft op uw Belgische pensioenopbouw.

Dit is echter niet altijd het geval. Wanneer een werknemer tijdens zijn loopbaan onderworpen was aan verschillende socialezekerheidsstelsels, is er sprake van een pensioendossier met ‘een buitenlands element’. Binnen de Europese Economische Regio past elke lidstaat zijn nationale wetgeving toe voor de toekenning en berekening van het wettelijk pensioen.

Berekening van uw pensioen​

Elke lidstaat waar u pensioenrechten heeft opgebouwd, zal voor de pensioenopbouw in dat land uw pensioenrechten dus berekenen volgens de eigen regelgeving. In deze eerste berekening wordt dus enkel rekening gehouden met tijd waarin u in dat land heeft bijgedragen.

Om ervoor te zorgen dat uw internationale tewerkstelling geen negatieve impact heeft op uw wettelijk pensioen, gaat elk land daarnaast een tweede, “Europese” berekening maken. In de tweede berekening worden ook elementen uit de buitenlandse tewerkstelling in rekening genomen. Dit is bijvoorbeeld van belang omdat uw volledige Europese loopbaan in rekening wordt genomen bij deze tweede pensioenberekening, aangezien de duur van de loopbaan in bepaalde landen een impact kan hebben op het pensioenbedrag waarop u uiteindelijk recht heeft. De gepensioneerde ontvangt uiteindelijk het hoogste van deze twee bedragen uit de desbetreffende lidstaat.

Een pensioen aanvragen

Als uw pensioendossier ‘een buitenlands element’ heeft, dan moet u uw pensioen aanvragen bij de pensioeninstantie in uw woonland, of in het land waar u het laatst sociaal verzekerd bent geweest. Heeft u nooit gewerkt in uw woonland, dan zal uw woonland uw pensioenaanvraag overmaken naar het land waar u het laatst gewerkt heeft. 

Voorbeeld : Jacky woont in Italië op het moment van pensioenaanvraag. De eerste 10 jaar van zijn carrière heeft hij in Spanje gewerkt. Waarna hij 30 jaar in België gewerkt heeft. Daar hij nooit in Italië gewerkt heeft, zal hij zijn pensioenaanvraag moeten indienen in België, bij de Rijksdienst voor Pensioenen (RVP).

Hou er altijd rekening mee dat de pensioengerechtigde leeftijd binnen de verschillende lidstaten varieert. U heeft pas recht op pensioen van de EER-lidstaat waar u gewerkt heeft vanaf het moment dat u de pensioengerechtigde leeftijd van de desbetreffende lidstaat bereikt.

Voorbeeld : Jacky krijgt reeds Belgisch pensioen krijgt op zijn 65ste, maar de pensioengerechtigde leeftijd in Spanje ligt per hypothese op 65 jaar en 6 maanden waardoor hij nog een half jaar moet wachten op het Spaanse gedeelte van zijn pensioen.

Waar en hoe wordt het pensioen belast?

Om na te gaan in welk land uw wettelijk pensioen belastbaar zal zijn, dient u in eerste instantie het dubbelbelastingverdrag te raadplegen tussen België en het land waar u pensioenrechten heeft opgebouwd (dit in de veronderstelling dat u nog rijksinwoner bent van België). Betreffende pensioenrechten die in één of meerdere EER-lidstaten werden opgebouwd in de privésector, wordt de heffingsbevoegd in de meeste dubbelbelastingverdragen voor het wettelijk pensioen toegewezen aan de woonstaat van de belastingplichtige en dit op het moment dat het pensioen wordt uitgekeerd. Hierbij dient u in het achterhoofd te houden dat de (fiscale) pensioenleeftijd varieert van land tot land.

Indien u geen rijksinwoner meer zou zijn van België op het moment dat u wettelijk pensioen wordt uitgekeerd, dient u beroep te doen op het dubbelbelastingverdrag van uw (op dat moment) woonstaat en het land waar u pensioenrechten hebt opgebouwd teneinde na te gaan wie belasting op uw pensioen mag heffen. Hoe uw pensioen desgevallend belast zal worden, hangt af van de nationale wetgeving van het land waaraan de heffingsbevoegdheid wordt toegewezen.

Op het maandelijks pensioen dat u in België ontvangt vanaf de wettelijke pensioenleeftijd zal u in eerste instantie bedrijfsvoorheffing moeten afdragen. Hierop wordt evenwel een uitzondering voorzien voor lage pensioenen. Daarmee is de kous evenwel niet af. De bedrijfsvoorheffing is immers een voorschot op de belastingen. Uw pensioen moet u aldus verplicht aangegeven in uw Belgische aangifte om zo op moment van aanslag tot een definitieve belastingafrekening te komen. Het wettelijk pensioen dat u in België ontvangt, wordt gezamenlijk belast tegen het progressief tarief van de inkomstenbelasting.

De belastingdruk valt evenwel lager uit dan op gewoon professioneel inkomen door middel van volgende systemen: 

  • de bijkomende belastingvermindering voor belastingplichtigen van wie het inkomen uitsluitend uit pensioenen of vervangingsinkomsten bestaat, of die uitsluitend wettelijke ziekte- en invaliditeitsuitkeringen genieten, en van wie die inkomsten net boven het referentie-inkomen liggen;

  • de gewone belastingvermindering van +/- 2.000 EUR voor belastingplichtigen van wie het inkomen uitsluitend uit pensioenen bestaat. Indien u als belastingplichtige naast uw pensioenen andere inkomsten geniet, dan daalt het belastingvoordeel volgens de verhouding tussen het ontvangen pensioen enerzijds en uw totale inkomsten anderzijds.

Dubbele belasting vermijden

Indien u als Belgisch rijksinwoner een wettelijk pensioen uit het buitenland geniet, zal het land waarvan u uw pensioen ontvangt hier mogelijks bronbelasting op inhouden. Vrijstelling kan eventueel bekomen worden door een woonplaatsattest aan te vragen, echter, is dit afhankelijk van de wettelijke bepalingen van iedere lidstaat. Verder zal op basis van het dubbelbelastingverdrag de heffingsbevoegdheid over uw buitenlands pensioen toekomen aan België en Belgische inkomstenbelasting aan de progressieve tarieven verschuldigd zijn.