Overslaan en naar de inhoud gaan
x
Ine De Coninck

Stage bij een internationale organisatie

Dat de masteropleiding Europees Ondernemingsstrafrecht in Luxemburg jaarlijks slechts vijfentwintig gedreven studenten toelaat, zag Ine De Coninck (24) vooral als een pluspunt. Deze buitenlandse opleiding mét stagemogelijkheid vormde een mooi verlengstuk op haar rechtenopleiding in België. ‘Gewapend’ met een grote interesse in de juridische vraagstukken met betrekking tot het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en met een subsidie van het Flanders Trainee Programme op zak, liep Ine stage bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in Straatsburg.

Enkele maanden na haar stage zit Ine opnieuw in Straatsburg, niet als stagiaire dit keer, maar als lid van de agente temporaire. “Vandaag was een speciale dag”, begint Ine te vertellen, “paus Franciscus was op officieel bezoek in Straatsburg. Het was, op zijn minst gezegd, hectisch. De stad keek uit naar zijn bezoek en nam de nodige veiligheidsmaatregelen. In de Europese wijk, waar alle Europese instellingen zich bevinden, werd een extra badgecontrole ingevoerd.” Ine kreeg een toegangsticket om de paus op te wachten, maar ze koos ervoor om het discours van paus Franciscus via het intranet van de Raad van Europa te volgen. “Zijn discours wierp een kritische blik op Europa, maar was tegelijkertijd ook een aanmoediging.”

Studeren in Luxemburg

Ine ging bewust pas na haar rechtenopleiding van vijf jaar op zoek naar studie-ervaring in het buitenland. “Een uitwisselingsproject leek me een boeiende persoonlijke ervaring. Het biedt heel wat voordelen, maar een verblijf in het buitenland leek mij persoonlijk tijdens die opleiding vanuit puur juridisch oogpunt geen absolute meerwaarde. Op dat moment wilde ik de kwaliteitsvolle rechtenopleiding in België genieten en afronden. Met in het achterhoofd het idee om daarna nog zeker een jaar in het buitenland mijn vorming te vervolledigen.” Ines interesse in strafrecht wakkerde aan tijdens haar masterjaren en haar oog viel op een aanvullende masteropleiding Europees Ondernemingsstrafrecht niet al te ver van huis, in Luxemburg. Een opleiding die in haar ogen pluspunten te over heeft. “Het programma is tweetalig, Engels en Frans, met een Europese invalshoek. Dit hoeft niet te verwonderen, aangezien Luxemburg naast grote broer Brussel en grote zus Straatsburg ook een juridisch hart van Europa is.” Niet onbelangrijk is dat de opleiding maximum vijfentwintig studenten toelaat, wat de mogelijkheid tot meer interactie met de docenten biedt. Deze docenten vormden trouwens een mooie mix van academici en practizijnen. Zo kreeg Ine bijvoorbeeld les van een rechter van het Hof van Justitie te Luxemburg, ambtenaren van de EU en partners van vooraanstaande advocatenkantoren.

Flanders Trainee Programme

Soms helpt het geluk een handje. Ine ontmoette in Luxemburg een Vlaming die een jaar eerder  hetzelfde programma afrondde. “Hij liep stage bij het Hof van Justitie van de Europese Unie en vernam pas na afloop over het bestaan van het Flanders Trainee Programme, het subsidieprogramma voor internationale stages van Departement internationaal Vlaanderen. Hij had mij, nog voor ik werd toegelaten op mijn stage, aangeraden om het subsidieprogramma in het oog te houden. Het was uiteraard een mooi steuntje in de rug. Zeker omdat mijn stage onbezoldigd was, wat trouwens een voorwaarde is om in aanmerking te komen voor deze subsidie.” Meer informatie over dit subsidieprogramma voor stages bij internationale organisaties is te vinden op de website en Facebookpagina van het Flanders Trainee Programme (zie www.vlaanderen.be/ftp).

Stage bij het EHRM

De keuze tussen een masterthesis of een stage lag volledig bij Ine en aangezien ze in Leuven al een masterthesis schreef, twijfelde ze hier niet over. Een stage klonk haar heel aanlokkelijk in de oren. Meer in het bijzonder spraken haar de juridische vraagstukken met betrekking tot het EHRM aan en ze stelde haar kandidatuur. “Het Europees Hof is een waakhond van alle rechten en vrijheden die in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens vervat zitten. Bij die waakfunctie doet het Hof niet aan exacte wetenschap. Bij elke casus moet het EHRM een interessante afweging maken tussen verschillende belangen. Die afweging van belangen, alsook het dynamische karakter van het Verdrag (cfr. Centrale idee in Straatsburgs rechtspraak dat het EVRM een levend instrument is dat naar hedendaagse opvattingen moet worden geïnterpreteerd), vind ik net zo interessant.” De fijne bijkomstigheid dat Ine voor deze stage het leven in Frankrijk mocht ervaren, maakte de optie des te verleidelijker.

Ines takenpakket als stagiaire bij de griffie van het EHRM had drie grote luiken. “Ik deed een onderzoek naar Belgisch recht inzake het onderscheppen van communicatie door de inlichtingen- en veiligheidsdiensten in het kader van een research report. Naar aanleiding van Grote Kamerzaken kan de research division van het Hof vragenlijsten uitsturen naar de juristen van verschillende lidstaten om te achterhalen hoe een bepaalde juridische kwestie net geregeld wordt in de respectievelijke lidstaten. Waaraan ik ook veel tijd spendeerde, was één bepaald dossier tegen België inzake de uitvoering van een Europees aanhoudingsbevel. Ik maakte een samenvatting van de feiten en de grieven en alsook een analyse van de problemen in het licht van het EVRM. Een derde taak was de redactie van single judge notes in dossiers tegen België. Het was de variatie en het praktijkgerichte dat me enorm aansprak. Daarnaast maakte ook de aanwezigheid van uitstekende stagebegeleiders en het goede gezelschap van medestagiairs mijn stage tot een geweldige ervaring.”

Aanvankelijk had de stage van twee maanden een wauw-effect op Ine, eerdere stages in België waren immers van kortere duur. Toch zou ze de volgende keer voor een stage van vijf maanden opteren. “Eens je op je stageplek aankomt en merkt hoeveel er te leren valt, wat je kan en mag doen, dan besef je pas dat twee maanden te kort is. Ik was net goed en wel ingewerkt en moest alweer vertrekken.”  Haar vertrek was slechts voor een korte periode. Al gauw maakte ze opnieuw haar opwachting in Straatsburg. “Het toeval wou dat de Belgische divisie nood had aan een extra jurist en ik paste bij geluk in het gezochte profiel. Voor een jaar maak ik nu deel uit van de temporary staff.”

Voordelen van internationaal werken

Wie de grenzen oversteekt om werkervaring op te doen, opent heel wat deuren: niet alleen van de wereld, maar ook van zichzelf. “Internationaal werken spreekt me aan omdat het me uitdaagt om uit mijn comfortzone te komen. Het vergt een zekere flexibiliteit en vereist ook zelfstandigheid. Die hele internationale werkervaring die ik nu opdoe, is ook een proces waarin ik mezelf leer kennen en ik mezelf vorm doorheen discussies met mensen met allerlei achtergronden en internationale ervaringen.” De kerktorenmentaliteit is in Ine haar familie al een tijd zoek. Als kind zag ze haar vader naar het buitenland vertrekken om daar te werken, haar nonkel vertrok als ontwikkelingshelper naar Zuid-Amerika en een andere nonkel loopt ze wel eens tegen het lijf in de straten van Straatsburg. “Je ziet veel goede, en uiteraard ook negatieve, kanten van leven en werken in het buitenland als je de verhalen hoort van mensen rondom je.”

Professioneel gezien ondervindt Ine geen nadeel aan werken in het buitenland. Op privévlak merkt ze echter dat het een extra puzzelwerk vergt, ook voor een relatie van toch al bijna zeven jaar. “Tijdens mijn stage in Straatsburg was mijn vriend Arnaud voor een stage in Chili, dat kwam goed uit. Ik bezocht hem daar deze zomer en was echt betoverd door Chili en Bolivia. Werken in het buitenland trekt mij zeker aan, dat hoeft daarom niet per se Straatsburg te zijn. Op korte termijn is een verblijf samen in het buitenland geen optie omdat Arnaud nog vastzit aan stages in het kader van zijn studie geneeskunde in België. Maar samen naar het buitenland vertrekken, dat is onze droom.”